interactief verhaal op spotify

“On your lap there’s a cucumber, on the back seat a young couple kissing…[…].. Suddenly, for a moment you’re airborne… […]… You find a loaded gun… ‘Are you ready to begin?’, asks the driver “

En vanaf dat moment kun je zelf gaan bepalen hoe het verhaal verder gaat… Klik hier om zelf te starten. (Let op: je hebt wel het audioprogramma Spotify nodig!)

Audio-avontuur als albumlancering
Als lancering van het nieuwe album ‘Happiness’ van de -voor mij onbekende- band Hurts, is er een interactief luisterverhaal ontwikkeld voor Spotify. Een dame met een fijne stem, actrice Anna Friel, spreekt je persoonlijk toe, creëert een spannende setting en vraagt aan het eind van iedere scene welke keuze je wilt maken om het verhaal te vervolgen. Lees hier meer over het project: Interactive audionovel from Hurts

Meer info bij Laurens’ Nieuwe Meuk
Mocht je Spotify niet willen of kunnen downloaden, dan leg ik het concept van deze interactieve audionovel uit op Radio1 , a.s. maandagochtend, rond 05.45uur. Samen met Adeline van Lier laat ik tijdens de uitzending van KRO’s Nacht van het Goede Leven fragmenten en muziek horen.

#audioplatformresearch (apr) – de reden van deze post
In mijn aanloop naar het opzetten van een audio-platform, zal ik dit blog gaan inzetten om mogelijkheden, bestaande platforms en nieuwe diensten/technologieën onder de loep te nemen. Voor de duidelijkheid: onze focus hier is niet muziek, maar juiste de sociale context waarin men audio deelt.

Up next: het vertrek van mijn radio-heroïne: Mary Anne Hobbs

Audio maken voor de netwerkgeneratie

dubstep kleding kopen

Zat net m’n webstats te checken. Zie ik dat Googlers deze 3 woorden bij elkaar als -belachelijke! -zoekterm hebben gebruikt, en zo uitkwamen op dit blog. Ik zal je vertellen hoe dat is gekomen…

Korte geschiedenis van een specifiek thema
In 2006 schreef ik voor het eerst over dubstep. In een tijd dat in Nederland de groep liefhebbers van deze (ver)nieuwe(nde) muziekstroming nog jong en klein was. Ik bleef er over schrijven, zoals bijv. dit korte verslag van mijn allereerste soundsystem-ervaring – belangrijk voor dubstep, omdat je de muziek vooral ook letterlijk moet voelen. Deze blogpost en een aantal daaropvolgenden,  brachten me op een gegeven moment waardevolle reacties. En het leverde me zelfs een lift terug naar huis op bij het volgende dubstep-feestje – waarbij ik me overigens nog altijd schaam voor het in-slaap-vallen naast de bestuurder… ahem. Maar dit terzijde.

Natuurlijk het stokje overnemen
Op een gegeven moment namen het dubstep.nl-forum en andere (muziek)blogs het grote, betere en veel volledigere schrijfwerk over, en ik liet me online steeds minder horen over dubstep. En alhoewel m’n liefde voor het genre niet minder is geworden, blijf ik wel naar de vernieuwing in heavy-bass-music zoeken. En als iemand dan denkt dat er zoiets bestaat als ‘dubstep-kleding’, dan is dit voor mij een duidelijk signaal dat mijn favoriete genre van de afgelopen 5 jaar nu toch echt zijn glans kwijt is.

Glans van een micro-verleden
Vaarwel aan het bijzondere, gekke, lekkere nieuwe sfeertje dat dubstep bracht; het gevoel bij halflege zalen en het overal tegenkomen van altijd dezelfde koppen (you know who you are!). Ik denk aan het afreizen naar Rotterdam, de OCCI, Utrecht, de eerste paar Sonic Warfares in de Oude Zaal van de Melkweg, en zelfs nog in de kleinere X-Ray-tent van Lowlands 2007. Vaak ging ik alleen, omdat in het begin geen van m’n vrienden de sound nog ‘voelde’… maar je wist dat het goed zat als je de familiar bassfaces weer zag. Enfin, die tijd is wel zo’n beetje voorbij. Maar er komt ook wel weer iets nieuws…

…kritisch, prikkelend, verrassend, artistiek, onderzoekend…

Een nieuwe stiel
Nu kwam ik op bovenstaande beschouwing, doordat ik de laatste tijd veel aandacht en tijd heb besteed aan (lezen en denken over) bloggen, mede dankzij het ontmoeten van Frank Meeuwsen en Ernst-Jan Pfauth (en het lezen van hun boeken, plus die van Erwin Blom – Handboek Communities). Maar met name ook door Clay Shirky die interessante dingen zegt over onze netwerkgeneratie en de maatschappelijke revoluties die potentieel binnen handbereik zijn, wanneer digitale tools in de juiste handen vallen.

Audio maken voor de netwerkgeneratie
Bij bloggen komt het dus vooral op 2 zaken aan: Focus focus focus – schrijven schrijven schrijven. Ohja, en je richten op een niche.  Dus over media en technologie praten, schrijven, bloggen blijft interessant, maar daar stop ik mee. Doen anderen beter, en vaker. Nee, ik zet digitale gereedschappen liever toegepast in, als middel. Om mijn ambitie – een audioplatform opzetten voor de netwerkgeneratie – te gaan verwezenlijken. Dus daarom ga ik vanaf nu alleen nog bloggen over audio op het web. En dan bedoel ik met audio niet muziek, sport of nieuws, maar echt ‘voer voor je oor’. Kritisch, prikkelend, verrassend, artistiek, onderzoekend, satirisch. En dat in items die allemaal op jouw favoriete apparaat worden afgespeeld, op jouw tijd, op jouw plek. Gemaakt met jou in gedachten, met inhoud die jou aanspreekt, op de toon die jij begrijpt en ‘voelt’.

Aan de slag dan!
En ik wil er niet alleen over bloggen, ik wil ook het platform op gaan zetten. Misschien wel beginnen met een 21e eeuwse radio-revolutie…

Ik hoop in ieder geval dat de early steppers er voor in zijn, en Juha. Ernst-Jan Pfauth gelooft er wel in, en Justus vast ook wel toch?. En Frank, Rolf en Adeline op zeker ook,  en Yuki. Wie doet er nog meer mee? En waar zullen we beginnen?

videoficatie van cultuur

“De taxi staat klaar. Ga je mee?”

De afgelopen 2 weken stuitte ik op allerlei vernieuwende webtoepassingen, vooral vanuit de culturele sector.  Een videotrailer van een boek, (De Gelukvinder) een doorstuur-lekkermaakvideo (een ‘viral‘ in jargon) van een theatergroep (Angels in America – Toneelgroep Amsterdam) en een radio-presentatrice die zichzelf en haar programma introduceert op youtube.

Wat we nog meer kunnen verwachten weet ik niet, maar BBC Radio1-dj Mary Anne Hobbs zei het al: “you never know what’s around the next corner…“. En ik juich het alleen maar toe. Laat de cultuursector maar experimenteren.

Jazzy dubstep
Over Mary Anne gesproken; hoorde vorige week in haar program een jazzy-dubstep-plaat, alsof ome Miles persoonlijk heeft meegespeeld. Luister naar ‘Honky Paradise’ van Overcast Radio:

Audio clip: Adobe Flash Player (version 9 or above) is required to play this audio clip. Download the latest version here. You also need to have JavaScript enabled in your browser.

laaglevende verliezers

Je staat in de bibliotheek op zoek naar een boek met een leuk verhaal, omdat je je portie Reve wel ff gehad hebt. Dan kom je een boek van Herman Brusselmans tegen (“De Man Die Werk Vond”), de achternaam roept herkenning op en je besluit ‘em te lenen en te lezen…

Je vertelt een vriend dat je Brusselmans aan het lezen bent, en hij geeft je “Post Office” van Charles Bukowski, zodra je “De Man…” uit hebt.

Op de dag dat je dat boek uithebt, ga je ’s avonds naar “The Weatherman”, waarin Nicholas Cage de hoofdrol speelt.

En dan, dan zie je een lijn: de 3 hoofdpersonages uit de boeken en de film zijn allemaal losers. Ze hebben wel werk, maar voeren eigenlijk geen klap uit, ze doen liever niet mee met het systeem en ze worden door de meeste andere mensen uitgekotst. En toch zijn deze personen vele malen interessanter dan *gewone* mensen. Vaak zelfs nog interessanter dan mensen die het gemaakt hebben, mensen die wij of die zichzelf belangrijk vinden. Sterker nog: deze losers zijn erg inventief en creatief en zoeken allerlei manieren om boven of onder geijkte paden en wetten uit te komen. En hoewel ze als losers gezien worden, ze weten hun eigen boontjes te doppen, zonder in de criminaliteit te belanden.

Toen ik eens in New York City was, zag ik in een etalage een boek liggen met de titel “Beautiful Losers”. Tot op de dag van vandaag komt mij die titel vaak voor de geest. Het lijkt een paradox, maar als je er langer over nadenkt is verliezen iets heel moois. Verliezen is niet simpel en het is meer iets voor op de lange termijn. Er zijn meer verliezers dan winnaars in de wereld. Winnaars hebben een verhaal, maar dat verhaal duurt totaan hun winst. Verliezers hebben hetzelfde verhaal als de winnaars, voorafgaand aan de wedstrijd, maar hun verhaal wordt pas echt interessant als anderen hebben gewonnen.

Hou dus van verliezers. Moeilijk kan het niet zijn, iedereen kent er wel een paar.

Me sad, Jane dead

Vandaag vernam ik dat Jane Jacobs is overleden. Een paar maanden terug ben ik begonnen met een boek van haar, dat zeer invloedrijk is geweest op het gebied van stedelijke ontwikkeling en stadsplanning, en dat ook hedendaagse wetenschappers en schrijvers als Richard Florida en Malcolm Gladwell inspireert. “The life and death of Great American Cities” is geschreven in 1961, maar is op het moment actueler dan ooit. Op de Wikipedia-pagina staat:

Jacobs hield een met typerend common sense doorspekt pleidooi voor kleinschalige buurten met een druk straatbeeld waar wonen, werken en winkelen zoveel mogelijk gemengd werden. De menselijke schaal diende volgens Jacobs de maat te zijn in stedelijke ontwikkeling.

Wie haar werk had gelezen, kon de mislukking van bijv. de Bijlmermeer al voorzien. Ook een saillant detail is dat ze de plannen voor een financieel centrum in Lower Manhattan keihard veroordeelde als negatieve ontwikkeling voor de stad. Niet veel later zou het WTC toch gebouwd worden. De geschiedenis kennen we…

Jacobs was geen wetenschapper, en ook bezat ze geen groot schrijftalent. Daarnaast is haar boek niet altijd even makkelijk, door het nu gedateerde taalgebruik uit de jaren ’60. Desondanks zijn haar theorieen en observaties zeker de moeite waard. En voor de plaatjes bij de tekst, zo schrijft ze zelf, moet je zelf maar goed opletten als je in een grote stad bent.

dinsdagoggend

En zo lieten ze hem weer achter, in de overweldigende architectuur van zijn zondagse eenzaamheid.

Uit: “De gevarendriehoek” van A.F.Th. van der Heijden.

Waar de een het heel mooi zegt, is een ander weer heel oprecht:

Ik heb er zelf twee, een van 23 en een van 25 jaar, maar het maakt niet uit of je 120 wordt en zij 80: je blijft altijd voor ze zorgen…

Op een gang, in een gebouw, ergens in Hilversum

“heb je die nog nooit gezien?

of geluisterd, bijgewoond, bekeken, gedaan…”

Verontwaardigd kunnen deze vragen soms aan je gesteld worden als een gesprek gaat over films, albums, tv-series, artiesten en/of concerten, en je geeft te kennen dat je iets niet hebt gezien. Kortom: volgens velen moet je iets van hun media-suggesties *geconsumeerd* hebben, om zorgeloos te kunnen sterven. Gisteravond had ik het erover met een aantal mensen, waarvan er eentje opmerkte dat het aanraden van iets dergelijks jou ook iets leert over de aanrader. Een mooie gedachte toch?!

Sugges’me
Nu bedacht ik me, ook als goed voornemen voor 2006, om vanaf deze plek te gaan bijhouden wat mensen me aanraden. Ik wil mezelf min of meer dwingen om alle aanbevelingen serieus te nemen. In principe verplicht ik me dus om al mijn toekomstige media-consumpties te baseren op wat anderen me verteld hebben. In eerste instantie wil ik me vooral richten op films en boeken. Dat houdt in dat ik geen film meer kijk of boek meer lees, tenzij het me is aangeraden door een bekende. Een speciale pagina, sugges’me, op deze weblog zal ik wijden aan alle suggesties die me worden aangedragen.

Hoe dit onzalige plan zal verlopen is mij onduidelijk, maar ik ga iig alles opschrijven wat mensen me aanraden. Ik weet wel dat er allerlei websites zijn die je hierbij helpen, of gebruik maken van het suggestie-principe, maar ik wil dit gewoon zelf eens uitproberen.

Dus als je een suggestie hebt voor een boek of film… kom maar op?

schnabbelfakir


Upload via Flickr: CampoDiPace.

Mijn woord voor het jaar 2005.
Niet degene op deze foto hoor, want je kunt je natuurlijk wel voorstellen dat Cameron Diaz zich niet met deze praktijken inlaat.

Nee, het woord werd gebruikt in een verhaal dat ik las in de korteverhalen-bundel Sub Urban, samengesteld door Passionate. De schnabbelfakir betrof een man die geld verdiende aan nep-goocheltrucs… dus…

Onthouden die term, gaat ’t wellicht redden in de Dikke van Dale van 2007.

telefoonboek 2.0

Japan, land van de rijzende zon, maar ook land van phone-publishing. Vele Japanners lezen in de metro, op het werk, maar ook gewoon thuis complete romans en verhalen op hun mobiele telefoon. Voordelen zijn dat je ieder onbenut moment kunt gebruiken om te lezen en dat je pornografisch of ander controversieel materiaal ongezien tot je kunt nemen. Lees ook het artikel op wired.com: Cell Phones Put to Novel Use