bananen, auto’s en heartbleed – het probleem van de mono-cultuur

Wist jij dat er een verband is tussen bananen, auto’s en een computerbug? Ik ook niet, totdat ik op zaterdag 12 april in de Quartz-nieuwsbrief de volgende prikkelende analyse van een persoon genaamd Tim Fernholz kreeg te lezen:

On Monday, the makers of the most widely-used security software on the web announced a bug — Heartbleed —that exposed millions of people’s data and passwords, perhaps the worst breach in the relatively young life of the internet as we know it. On Wednesday, Toyota joined GM in recalling millions of its cars. At this pace, more cars will be returned to automakers by Americans this year than ever before.

And have we mentioned bananas are dying out?

The global economy seems to lend itself to these situations. How did your passwords get exposed? A volunteer working to maintain open-source cryptography software made a simple error. For two years, no one noticed, but millions of companies were relying on it (because it was free) to protect customers’ financial transactions and Facebook pictures. Why so many faulty cars? In part, because cheap mass production demands the same parts be used in as many cars as possible: In GM’s case, millions of ignition switches just 1.6 millimeters too short. Why are we losing our bananas? Industrial farmers and poor countries alike have largely relied on just a single species of banana, the Cavendish, that is easy to grow and transport—but quickly succumbing to epidemic disease.

It won’t be the first banana species to have gone virtually extinct, let alone the first monoculture crop to prove vulnerable. But the Heartbleed bug and mass car recalls stem from a similar over-reliance on one variety to maximize efficiency. In the case of cars and bananas, the cost of fixing the problem at first seems too high, but then becomes both enormous and unavoidable; GM’s decision to delay addressing its ignition problem because it cost too much brings to mind Ford’s dallying over the Pinto recalls of the 1970s. With Heartbleed, the cost is still unclear. What is clear is that in a globalized, standardized, monoculture world, one unexpected error can quickly become everyone’s problem.

waarom deze video an sich niet werkt

“Ik ben geen groot fan van TEDx. Er is iets mis mee…”

In het hol van de leeuw mocht ik op donderdag 17 april in de Stadsschouwburg in Utrecht vertellen waarom TEDtalks niet werken volgens mij – en volgens wat wetenschappelijk onderzoek. En dan ook nog eens op het podium bij … TEDxUtrecht!

Bron: TEDxUtrecht – Flickr

Waarom dan wel een praatje?
Een aantal opdrachtjes, een ritje op een OV-fiets en een spannend ruilmoment later, bleken de meeste mensen zich goed gedragen te hebben, tot ver na mijn talk. Ondanks die grote, zenuwachtige vraag of de portemonnee, de trouwring, het nummertje voor de jas of de Samsung Galaxy smartphone wel terug zou komen.

Hebben zij hun precious object al teruggekregen...?
Hebben zij hun precious object al teruggekregen…? Bron: TEDxUtrecht – Flickr

Kijk-eis:
je mag deze video alleen kijken als je er daarna ook echt iets mee doet. Anders blijft het misgaan met TEDx…

Krijg je geen genoeg van kritiek op TED, lees dan deze twee stukken:

En uiteraard wil ik de organisatie van TEDxUtrecht bedanken dat ik hun podium mocht gebruiken om dit verhaal te vertellen en te practicen what I preach. En many thanks to Joni Bais van Great Communicators voor het perfectioneren van mijn verhaal.

4 soorten werk voor designers

“Ik hoorde in Austin tot mijn verbazing eigenlijk vrij weinig nieuwe dingen.”

Aldus een oud-student die Communication & Media Design (CMD) studeerde in Utrecht, die binnen 9 maanden na haar afstuderen werkt bij TamTam – een full service digital agency, en op bezoek was op SXSW Interactive in Austin, Texas.

Dit verhaal gaat over wat bureau’s nu willen en doen. Over waar designstudenten zitten (of zouden moeten zitten), wat ze willen en kunnen of niet, en: wat jij van een design-opleiding mag verwachten. Ik heb er wel ideeën over, maar wat zijn de jouwe?

Gedeeld idee over de toekomst van CMD-werk
De afgelopen weken bezocht ik namelijk veel verschillende bedrijven en bureau’s waar  CMD’ers werken, afstuderen, zouden kunnen werken of misschien wel horen te werken. En toen bedacht ik me, ook na presentaties van eerste- en derdejaars studenten afgelopen week: hebben ‘we’ eigenlijk allemaal wel een gedeeld idee bij/voor welk bedrijf/opdrachtgevers onze studenten moeten gaan werken – bureauzijde, businesskant, startup of als zzp’er. Oproep: noem me maar eens wat bedrijfsnamen.

In de opbouw van dit stuk ga ik het hebben over CMD-werk bij:

  1. bureau’s,
  2. business-owners,
  3. start-ups en
  4. als zzp’er

1. BUREAU’S
Bij mijn kennismakingsbezoek aan een serious gamesbureau in Rotterdam, kreeg ik van de bedrijfsbegeleider te horen dat wij CMD-afstudeerders geen quasi-academisch onderzoek moeten laten doen, maar praktische toepassingen moeten laten ontwikkelen. De afstudeerder in kwestie is bezig om patronen en principes op te stellen voor game designers die data willen visualiseren om spelers:

  • te motiveren,
  • op de hoogte te stellen van hun voortgang en
  • inzicht te bieden in hun gedrag.

Dit varieert van toepassingen voor de metaalindustrie, trainingsprogramma’s voor specialisten tot het inwerken van nieuwe werknemers. Tot nu toe vinden designers bij Ranj per nieuw project -grofgezegd- steeds opnieuw het wiel uit, terwijl er legio best practices zijn – zowel binnen het bureau als in het seriousgame-domein. Uitkomst van het afstudeerproject zal een dynamische waaier/kaartset zijn, digitaal en fysiek, die hierin tegemoetkomt. Typische CMD-klus?

2. BUSINESSOWNERS
Omroepen?
Een plek waar ik een oud-CMD’er tegenkwam was bij BNNVara, waar een van onze meest getalenteerde studenten nu zelf een creatief, medium-onafhankelijk team mag samenstellen. De afdeling ‘Interactief’ staat daar overigens los van de afdeling ‘Design’! Die ruimte voor medium-onafhankelijk denken miste ik juist bij KRONCRV.  Maar gelukkig bemerkte ik wel grote behoefte aan CMD’ers toen ik daar in gesprek was over de nieuwe journalistieke portal ‘InCntxt‘ die straks NPO Journalistiek gaat heten.

De Belastingdienst?
Een van de cases bij het vak Media Analyse voor Content-specialisatie-studenten gaat over de digitalisering bij de Belastingdienst. Studenten denken na over welke dilemma’s hier een rol spelen en wat hun rol zou zijn wanneer zij daar in dienst zouden zijn.

Wat technologie voor onze studenten eigenlijk betekent
Tijdens gesprekken over hun ontwikkeling wat betreft het analyseren van het huidige medialandschap, vertelde meerdere derdejaars dat ze technologie enerzijds meer zijn gaan omarmen (als professional) en anderzijds als persoon met een verminderde vanzelfsprekendheid kijken naar, en omgaan met diezelfde technologie. Zoals een studente het ongeveer verwoordde:

“Ik ben erachter gekomen dat de manier waarop technologie nu gebruikt wordt, ons heel veel vertelt over waar behoefte aan is in onze samenleving.”

En met dat inzicht zag ze weer praktische toepassingen tijdens haar werk als CMD’er. Rolf Coppens van interactief ontwerpbureau Grrr waarschuwt dan ook dat beginnend designers niet die luxe hebben om te kunnen ‘uitzoomen’ in de praktijk. Zijn designers zijn 80% van hun tijd ‘gewoon aan het ontwerpen’ en gemiddeld minder dan 20% bezig met onderzoek, customer journey’s  en persona’s. Moeten dan die media & technologie niet bekeken worden, maar vooral gebruikt?

3. STARTUPS
De journalistieke tuin in
Na mijn bezoek aan Ranj ging ik langs bij A-Lab in Amsterdam, waar De Correspondent is gevestigd. Ik was gevraagd mee te denken over innovatie en interactie op hun platform. Ze gebruiken er een metafoor van ‘de tuin’, waarin een correspondent werkt, en waaruit de redactie artikelen ‘plukt’. Daarnaast heeft De Correspondent zich altijd neergezet als ‘het medicijn tegen de waan van de dag.’ Combineer die tuin en dat medicijn eens, stelde ik voor, en kijk eens hoever je kunt gaan in de vertaling daarvan voor toepassingen op het platform , zowel in vorm als inhoud.

Ik kwam er niet helemaal uit daar. Waarom?

Groot gemis
De verantwoordelijke voor het onderzoek naar mogelijke innovaties bij De Correspondent, is een student Journalistiek van onze faculteit. En het is goed dat een journalist juist met die vernieuwing bezig is. Maar ik vind dat daar (op z’n minst ook) een CMD’er moet zitten. Mijn grootste gemis is dat het ontbreekt aan creatieve vormen voor de verschillende artikelen. Harald Dunnink (ontwerper van Momkai) beloofde in de opstartpromo (v.a. 3:00) ooit dat verhalen gemaakt zouden worden vanuit een samenwerking van schrijver, ontwerper en programmeur. Wat we kregen zijn weliswaar interessante artikelen, maar altijd erg traditioneel: (lange stukken) tekst met illustratie en af en toe een video.

Mijn 60 euro heb ik betaald om niet zozeer het initiatief an sich te steunen, maar omdat ik er van overtuigd was dat De Correspondent zou experimenteren met nieuwe vormen. Dat zij de sneeuwbal zouden laten rollen; dat dit de Firestorm, de Snowfall van Nederland zou opleveren. Nog niet eens per se bij henzelf, maar in ieder geval om de competitie op scherp te zetten en uit te dagen.

Meet the innovators
En misschien is dat laatste wel een beetje gelukt, merkte ik op tijdens het congres Meet the innovators: een speciaal georganiseerde middag voor journalistieke innovaties op 27 maart, waar bijv. een nieuw startup-project binnen TMG werd aangekondigd en waar Peter Vandermeersch (NRC) vertelde over hun online-experimenten met hun zogenaamde Berry’s – vernoemd naar de Berry van Aerle special.

Overigens schijnen de projecten als Snowfall (New York Times) en Firestorm (The Guardian) niet bijster veel lezers/ kijkers gehad te hebben, maar die doelstelling vind ik minder van belang als het gaat om inspiratie voor storytelling, contentcreatie en inzet van nieuwe technieken. Want de journalistieke wereld heeft er wel degelijk naar gekeken!
En ik zelf ook: ik werk naast mijn CMD-lespraktijk aan een eigen startup genaamd ‘immrs‘, een rustige tabletreader voor persoonlijke vragen bij het nieuws’.

En misschien wil Rob Wijnberg – in lijn met het tegen de waan van de dag ingaan – ook niet teveel meedoen met allerlei vorm-experimenten. Maar feit blijft wel dat dit project uniek is door zijn gecrowdfundete start en het gegeven dat er volledig digitaal gepubliceerd wordt. Ofwel: ruimte genoeg daar voor meer CMD’ers!

4. ZZP’ERS
Creatief platform
Als laatste mogelijke soort werk(plek) voor een CMD’er vind ik de nieuwe ontwikkeling bij het Utrechtste Buro O interessant. Waar overigens een CMD’er aan het afstuderen is, en een ander een bijbaan heeft. Buro O (gevestigd aan de kop van de A’damse Straatweg) werkt aan een transformatie om zichzelf neer te zetten als netwerk-organisatie:

“Voor een derde metamorfose wil zij zich neerzetten als ‘creatief platform’. O heeft de visie dat het bureau van de toekomst een open bureau moet zijn, waar veel verschillende creatieve disciplines samenkomen en waar op een interactieve manier wordt samengewerkt. Het bureau werkt samen met veel verschillende gespecialiseerde partners en freelancers. Van copywriters, tot webdesigners en social-media specialisten. De kwaliteit van dit netwerk bepaalt grotendeels de kwaliteit van het werk dat door O wordt gemaakt.”

Is dit de toekomst voor designers – gaan ze hier werken als zelfstandige, of worden ze daar in dienst genomen?

NO MATTER WHERE
Wat ik als uitgangspunt voor designstudenten pas echt belangrijk vind, ontdekte ik afgelopen week bij onze huidige eerstejaars ‘interactive’. Zij presenteerden hun met gebruikers geteste prototypes voor educatieve apps. Er valt op elk onderdeel van het ontwerp en hun presentatie wel iets aan te merken, maar niet op het volgende:

  1. design reviews: dat ze hebben ervaren wat het je oplevert om onaffe ideeën, schetsen en mockups voor te leggen aan elkaar,
  2. user testing: het nog belangrijkere besef dat wanneer je met gebruikers praat en ze jouw ontwerpen voorlegt, dat dat superspannend en pittig is, dat dat regelen best een opgave is, maar dat je daarna wel veel beter weet waarom en wat er aan je ontwerp wel of niet gaat werken.
  3. leren begrijpen van mensen: misschien wel het allerbelangrijkste besef als eerstejaars-student is, zo hoorde ik: er is eigenlijk niemand die mij en mijn ideeën precies begrijpt. En dat heb ik pas begrepen doordat ik anderen, die niet zo zijn als ik, heb leren begrijpen.

Denk je dat deze eerstejaars over 4 jaar ook naar Texas gaan, en dan ook zeggen dat ze niks nieuws horen? En hebben wij daar dan als designopleiding met onze cursussen voor gezorgd? En hebben wij ze dan opgeleid voor:

  • een baan, of voor
  • een soort bedrijf, of voor
  • een manier van denken en werken?
  • Of iets anders?

Amazon Dash
Probeer die laatste vraag maar eens te beantwoorden aan de hand van de totstandkoming van dit nieuwe, interessante apparaat van Amazon – de Dash:
http://www.wired.com/2014/04/amazon-dash/

Amazon Dash

Over selfies, strangers en schijnzaken

Afgelopen dinsdag keek ik met twee collega’s naar een aantal tongzoenende mensen. Het was een video, een experiment. De zoeners kenden elkaar niet. We waren vertederd, voelden de spanning, het ongemak. En met mij binnen een dag nog zo’n 6 miljoen andere kijkers.

Wren L.A.

Een dag later bleek het een viral – een commercial voor een kledingmerk uit Los Angeles. De mensen in de video dragen allemaal kleding van het merk Wren. Lees er een artikel over op Adformatie.

Wat moeten we hier nu als professionals van vinden? Is het een superieure viral? Wat als de zoeners wel echt vreemden voor elkaar waren? Is mijn gevoel als kijker bij het filmpje minder waard nu blijkt dat er een kledingmerk achter zit? Of dat mensen er geld voor kregen? Waarom wordt juist deze video zoveel gedeeld en bekeken nu?

Selfie Ellen Degeneres

Trillion dollar tweet
Een week eerder maakte Ellen DeGeneres de meest gedeelde selfie evvah, tijdens de Oscar-uitreikingen. Bleek Samsung achter te zitten. Ook minimaal 3 miljoen keer gedeeld online, en door exponentieel zo veel mensen gezien. Slim of uitgekookt, of beide? Lees een van de eerste analyses op medium.com.

“You have the power to change, and redefine what beauty is!”

Selfies voor Dove
Een paar dagen later werd ik via Twitter geattendeerd op een video over dochters en moeders die samen selfies maken en zo leren accepteren dat ze al mooi zijn zoals ze zijn. Heel Amerikaans wellicht. En aan het eind staat daar Dove als afzender bij. Hypocriet? Ook al bijna een miljoen keer bekeken. Check wat je er zelf van vindt:

Tegenlicht
Filosoof Koert van Mensvoort zegt in de Tegenlicht-uitzending van zondag 9 maart 2014 dat we moeten ophouden met de discussie over of iets echt of nep is. We leven namelijk in het (informeel geaccepteerde) Anthropocene tijdperk en daar zijn steeds meer kunstmatige zaken net zo echt als de origineel geachte natuur.

Waar gaat het ons nu echt om? Even selfie-ontspannen!
Geen zin om daar over na te denken, en wil je wel innovatieve nieuwe selfies maken? Download dan CamMe, met een natural user interface selfie-ontspanner!

Hoe Obamacare gered werd door een Silicon Valley Rescue Team

Dit verhaal gaat over hoe politiek en technologie met elkaar verweven (kunnen) zijn. En het was dankzij falen van technologie bijna verkeerd afgelopen voor misschien wel het grootste accomplishment van een president in de USA ooit: zorgverzekering voor iedereen.

In een groot achtergrondverhaal van Time Magazine lees je hoe een team bright minds uit Silicon Valley vrijwillig, binnen zes weken, de grootste problemen met healthcare.gov wist op te lossen:
http://content.time.com/time/magazine/article/0,9171,2166770,00.html (volledige artikel heb ik kunnen lezen met m’n tabletreader ‘Readability’, zonder in te loggen of te betalen!)

Klein beetje achtergrond alvast:
Toen op 1 oktober 2013 de website healthcare.gov live ging, en al 300 miljoen dollar had gekost, werd deze geplaagd door grote technische mankementen. De reconstructie in Time Magazine aankomende week laat zien hoe het Witte Huis geen idee had wat te doen. Uiteindelijk werd de geloofwaardigheid van Obama’s Zorgwet gered door een adhoc team van Silicon Valley techies (van o.a. Twitter, Google, venture capitalists e.a.) die dag en nacht doorwerkten, zodat Amerikanen zich aan konden melden voor een zorgverzekering.

Paar interessante punten/learnings uit het stuk:
  1. Er was geen duidelijk leiderschap over het project
  2. Er werd gelogen: website kon de drukte niet aan, maar dat is, zeker in het land van de massa en Silicon Valley, geen excuus, en was ook niet waar.
  3. De site ging in een keer live voor 365 miljoen mensen. Doe dit altijd gefaseerd. Weet iedereen in Silicon Valley!
  4. Informatie uit de database was niet vooraf gecached, waardoor er te grote druk op de servers ontstond en ze bij bosjes omvielen. Weet iedere techie.
  5. De fixers hielden elke dag twee stand-up meetings (Twitter-developmentstyle) waarbij solving problems het enige doel was. Schuldigen aanwijzen deden ze ergens anders.

President Obama besefte maar al te goed in hoeverre technologie ‘zijn’ achievement kon maken of breken:

“The president would end pre-launch meetings by saying, ‘I want to remind the team that this only works if the technology works.’”
Ook een probleem volgens een van de redders: er waren teveel marketeers en communicatiemedewerkers bij het project betrokken, en te weinig goede ontwerpers en developers:
“Attendees at the pre-launch meeting were…policy people, pollsters or communications specialists focused largely on the marketing and political challenges of enrolling Americans”
Op 17 oktober vroeg Obama zelfs of de hele site niet ‘gescrapped‘ kon worden, of dat ‘ie nog ‘salvageable‘ was.
En er was zelfs een Apollo 13 moment…
Zes weken later werkte de site, en konden miljoenen Amerikanen zich verzekeren. En er is nog steeds werk te doen. Het artikel eindigt met de vraag: de website werkt. Maar zal Obamacare werken? We zullen het zien…

Speelfilm ‘Her’ toont Empathy Operating System

Dit verhaal gaat over het hebben van een relatie met iemand zonder lichaam. Over filmische interacties. En over waarom Spike Jonze’s nieuwste speelfilm ‘Her‘ ons een technologische toekomst voorschotelt die wellicht niet ver van het heden verwijderd is, maar – zoals altijd bij toekomstvisies- meer zegt over de verlangens en behoeften van het nu. En tegelijkertijd ook een tijdloos verhaal is. En het gaat juist helemaal niet over kunstmatig intelligente (AI) technologie.

Verwarrend allemaal? Wellicht, maar niet als je de makers volgt:

After poring over the work of Ray Kurzweil and other futurists trying to figure out how, exactly, his artificially intelligent female lead should operate, Jonze arrived at a critical insight: Her, he realised, isn’t a movie about technology. It’s a movie about people. With that, the film took shape. Sure, it takes place in the future, but what it’s really concerned with are human relationships, as fragile and complicated as they’ve been from the start.

 

Bron: http://www.wired.co.uk/news/archive/2014-01/14/her-ui-design 

Tijdloos dus. Maar ook een aanklacht tegen het mobiele afschermen van nu. Gevisualiseerd met de stijl van de hipster met de Canon4D-scherpte/diepte-shakycamera-instagramfilteresque-prismaflare-trucendoos. Een aanklacht tegen het technotopische geloof uit Silicon Valley?

Production designer KK Barrett vertelt over de visie op technologie in de ‘slight future’:

“We decided that the movie wasn’t about technology, or if it was, that the technology should be invisible,” he says. “And not invisible like a piece of glass.” Technology hasn’t disappeared, in other words. It’s dissolved into everyday life.

 

 

 

 

 

 

 

Relatie met je gebruiker – maar dan letterlijk

Als ontwerpers, zeker als het om user experience en interactie gaat, gaan we uit van de gebruiker. ‘Her’ zet deze relatie op zijn kop en geeft er een nieuwe dimensie aan:

Assuming the technology for AI was there, how would it operate? What would the relationship with its “user” be like?

In ieder geval een relatie gebaseerd op voice-commando’s. Vooral vanuit filmisch perspectief begrijpelijk, maar ook interessant voor interactie-ontwerpers:

Again, voice control had benefits simply on the level of moviemaking. A conversation between Theo and Sam, his artificially intelligent OS, is obviously easier for the audience to follow than anything involving taps, gestures, swipes or screens. But the voice-based UI was also a perfect fit for a film trying to explore what a less intrusive, less demanding variety of technology might look like.

En deze laatste opmerking van Barrett vind ik een wel heel erg geruststellende en sterke:

The future is much simpler than you think.

Dus zo willen wij de toekomst op dit moment dus! Dan weet je dat.

Waarom NetFlix interessanter is dan Whatsapp

Afgelopen week, vroeg ik me af, na het kijken van de eerste nieuwe afleveringen van House of Cards Seizoen 2, hoe zo’n lancering/live-event eigenlijk gaat. Heel Twitter scheen in rep en roer om 37 minuten na middernacht, toen in afl.1 iets onverwachts gebeurde. Lees verder wanneer je geïnteresseerd bent in:

  • a) content,
  • b) user experiences,
  • c) storytelling
  • d) big data
  • e) visual design
  • f) het concept audiovisueel drama anders aanpakken, of
  • g) all of the aforementioned en meer…

Anyway, voor de leek: op vrijdag 14 februari ging het 2e seizoen van de serie House of Cards ‘van start’ via NetFlix. 40 miljoen subscribers around the world begonnen te kijken. Gewoon in een keer alle 13 afleveringen achter elkaar kijken. Niks wachten, niks schaarste. Kijken, aan een stuk. Binge watching!

En het instant succes was geen complete verrassing voor NetFlix want:

“House of Cards was obviously a big bet for Netflix,” Joris said. “But it was a calculated bet because we knew Netflix members like political dramas, that they like serialized dramas. That they are fans of Kevin Spacey, that they like David Fincher.”

Met dit soort intelligence, aan de hand van realtime en vastgelegde gebruikersdata wordt nieuwe content gemaakt. Interesting, maar ook creepy. Want Evgeny Morozov vindt het eng, want zo krijgen we nooit meer drama waar we NIET van wisten dat we er van zouden houden, aldus de Wit-Rus.

Enfin.

Dit korte artikel met audio-sfeerverslag vanuit de NetFlix-warrroom geeft je een bijzondere kijk op dit NetFlix-‘fenomeen’.

http://www.marketplace.org/topics/business/what-happens-netflix-when-house-cards-goes-live

Want lieve lezer, die toekomst van televisiekijken (en produceren), via NetFlix, die blijft verbazen. Ik haal er twee dingen voor je uit:

Edberg said the last time House of Cards launched, the engineers figured out that the entire season was about 13 hours.

“And we looked to [see] if anybody was finishing in that amount of time,” Edberg said. “And there was one person who finished with just three minutes longer than there is content. So basically, three total minutes of break in roughly 13 hours.”

“We monitor what you watch, how often you watch things,” Evers said. “Does a movie have a happy ending, what’s the level of romance, what’s the level of violence, is it a cerebral kind of movie or is it light and funny?” … Networks like HBO still rely, on large part, on Nielsen data. But the information Netflix gets is much more textured, granular… and valuable.

Je hoeft niet te kijken, maar het lijkt me op z’n minst iets om over na te denken. Er zit voor elk wat wils in.

En dan, tsja, Whatsapp. wat moet ik daar nog over zeggen. T’is gewoon minder interessant op de langere termijn, dit gegeven. Denk daar maar eens over na.

aangenaam online onaangename films kijken

De afgelopen week heb ik drie films gezien (waarvan twee documentaires), die allemaal een onaangename, pijnlijke en verbijsterende kijk geven op ons leven met media & technologie. En paradoxaal genoeg heb ik ze allemaal online bekeken, twee zelfs als suggestie van NetFlix.

Na weinig hoopvolle boeken van schrijvers als Andrew Keen (Digital Vertigo), Eli Pariser (The Filter Bubble), Sherry Turkle (Alone Together), Manfred Spitzer (Digitale Dementie), Nicholas Carr (The Shallows) en Evgeny Morozov (The Net Delusion en To save everything click here), zijn er nu de volgende drie audiovisuele titels die wat mij betreft niet mogen ontbreken in je media-savvy-bagage. Voor wanneer je eens kritisch en genuanceerd wilt kijken naar je eigen media-gebruik of dat van je familie of vrienden, als je benieuwd bent naar de informatie die (internet-)bedrijven over je hebben – en wat ze er mee doen, en hoe overheden onze veiligheid en privacy digitaal behandelen:

1. Terms & Conditions may apply (juli 2013)

The Huffington Post noemde het al ‘a must see horror film’, en dat is niet teveel gezegd. De grote vraag in deze documentaire: “is privacy dead?” In 80 minuten kom je erachter wat het betekent wanneer wij klakkeloos akkoord gaan met ‘de voorwaarden’, en argeloos ons vinkje zetten wanneer we ons aanmelden voor een nieuwe (social) dienst of wanneer we een app installeren. Erg confronterend ook wellicht voor degenen die altijd denken of zeggen ‘niks te verbergen hebben’… Met als bonus aan het eind een interessante ontmoeting met Mark Zuckerberg.

2. The greatest movie ever sold – Morgan Spurlock (2011)

De maker van ‘Supersize me’ maakte twee jaar geleden een metafilm die compleet door corporate sponsoring is gefinancierd. De film laat zien in hoeverre product placement, buy-ins en selling out invloed heeft op artistieke, scheppende en creatieve personen en producties, maar vooral ook hoe het ons als publiek treft.

3. Noah (2013)

Screenshot van een screen, uit de film ‘Noah’

Via de site FastCoCreate werd ik geattendeerd op een korte fictiefilm die vorige maand  op het Toronto international Film Festival in premiere is gegaan. De 17-minuten durende film ‘Noah’ speelt zich volledig af op het beeldscherm van de 17-jarige Noah, en toont de applicaties die hij gebruikt om zijn sociale en prive-leven up to date te houden. Letterlijk. De hoofdpersoon wisselt voortdurend tussen Skype, Chatroulette, iTunes, Wikipedia en Facebook-updates. Met misschien wel veel herkenbare elementen, een hoop memes (katten!) en savvy pop-culture-references (Kanye East?). Maar vooral ook een beangstigende film die voor mij veel zegt over onze tijd. Waarom? Bepaal zelf maar. Noah – volledig online te bekijken.

Als je wat antwoorden wil en/of oplossingen zoekt, lees dan dit interview met de maker van de eerste film, Cullen Hoback. Oja, voor de 140-characterati: Twitter schijnt het best oke te doen, qua privacy…

Een kijkje in het kloppend hart van de nieuwe journalistiek

“We zitten zelfs te denken aan toepassingen voor in de rechtszaal, of een product voor medisch specialisten”

Terwijl we eind september door een zonovergoten centrum van Amsterdam lopen, vertellen Maarten van Dun, Coen van de Ven en Charif Mews van NewPaper met welke ideeën zij spelen voor hun vernieuwende journalistieke producties. Ze hebben me zojuist het Nieuwsatelier laten zien, waar ze anno 2013 samen met andere journalistieke start-ups het kloppend hart van de Nederlandse journalistiek vormen.

NewPaper won afgelopen jaar, samen met JOB en LocalFocus, 60.000 euro met de wedstrijd The Challenge – Reinventing Journalism. NewPaper ziet zich als ‘een kweekvijver […] voor toptalent van verschillende opleidingen in Nederland. Journalistiek talent komt samen met creatief, technisch en commercieel talent.

Initiatieven als Follow the Money, Sargasso, DNP en ook Newpaper zijn hier, startup-style,  samengebracht
Initiatieven als Follow the Money, Sargasso, DNP en ook Newpaper zijn hier, in een oud naai-atelier aan de Nieuwe Uilenburgerstraat in Amsterdam, startup-style samengebracht

In het atelier huizen o.a. Follow The Money, Sargasso, DeNieuwePers / ThePostOnline en LocalFocus. Hier hebben zij allemaal, met behulp van het Stimuleringsfonds voor de Pers, werkruimte en financiering gevonden om hun journalistieke droom te realiseren. Geheel in incubatorstyle ‘voor onderlinge samenwerkingen en uitwisseling van ideeën.’

Als we even later aankomen op de Nieuwmarkt, een terrasje uitzoeken in de zon en muntthee bestellen, gaan de laptops open. Coen toont vormgevings- en interactie-ideeën voor een crossmediaal item voor de Wereldomroep. Charif laat een nieuwe blogtool zien genaamd Ghost, die is opgezet door een oud-Wordpress-developer, en somt daarvan de mogelijkheden op voor reporters in landen waar smartphones geen gemeengoed zijn en mobiele data prijzig is. Met de komst van Charif heeft NewPaper klaarblijkelijk een echte dataman en programmeur in huis gehaald – een ‘supernerd’ (in hun eigen woorden), maar vooral ook een enabler voor nieuwe mogelijkheden.

Want wat de invloed is van een technoloog op twee journalisten, merk ik aan de geïnspireerde toon waarmee de heren op het terras voorbeeld na voorbeeld opgooien, en al pratend elkaars ideeën verder brengen. De nieuwe journalistiek is volgens NewPaper dan ook gebaseerd op een mix van verhalen vertellen, design, techniek en verdienmodellen. En het maakt hen niet uit wie er met een verhaal-idee of onderwerp komt. En ook niet als er wordt gestart vanuit een technische mogelijkheid. En verschil tussen de traditionele journalist of bijvoorbeeld een gamesblogger bestaat volgens hen al helemaal niet meer – deze heren omarmen de mogelijkheden in plaats van ze als gevaren te beschouwen.

En daarmee heeft deze startup de journalistieke toekomst duidelijk voor ogen. En een opdrachtgever om het mee waar te maken.

Full disclosure: bij de cursus ‘Redactie Krant van de Toekomst” had ik de eer om als gastdocent bij de School voor Journalistiek in Utrecht te mogen werken met de bedenkers van NewPaper.